Douvenrade

Ridder Mathias van Berensberg was in 1365 eigenaar van het goed Douvenrade aldus de archieven. In 1447 kreeg Wijnant van Cortenbach “den hoff zo Doyvenrode” en in de 16e en begin 17e eeuw was de familie Van Douvenrade eigenaar.

Een riddergoed is de bezitting van een ridder, bestaande uit landerijen, een hoeve, en vaak een versterkte woning (zoals een kasteel, burcht, of landhuis) die diende als residentie en centrum van waaruit de ridder zijn land beheerste en verdedigde in de middeleeuwen, en waar hij inkomsten uit haalde.  Prins – Hertog – Markies – Graaf – Burggraaf – Baron – Ridder

Het goed Douvenrade bestond rond 1600 uit twee delen:

Het adellijk huis dat later “Onderste Douvenrade” werd genoemd had een eigen boerderij. In 1645 werd Lambert Rietraet, schout van Heerlen en later burgemeester van Maastricht, de eigenaar. Maximiliaan, graaf Van der Heyden gen. Belderbusch kocht dit deel in 1753 en in 1756 kocht hij ook de kleine boerderij die “Middelste Douvenrade” werd genoemd om toe te voegen aan het Landgoed Terworm. Het adellijk goed werd in 1870 afgebroken en het “middelste Douvenrade” brandde in datzelfde jaar af. Van beide gebouwen zijn slechts nog wat stenen resten over.

De hoeve “Overste Douvenrade” was in 1699 eigendom van chirurgijn Johannes Franssen-Siegels uit Heerlen. In 1870 werd deze hoeve door baron de Loë aangekocht en aan het Landgoed Terworm toegevoegd. Anno 2025 zijn er restaurant Darwin en kinderopvang “Best 4 kids de hoeve” gevestigd.

* Douve komt uit het Frans en betekent slotgracht. 

Zeswegen

De wijk Zeswegen is begin jaren tachtig gebouwd op de voormalige steenberg van de Oranje Nassau 1 mijn. 

De naam voor deze wijk is afkomstig van een nabijgelegen zessprong waar onderstaande wegen samenkwamen.

  1. De Kloesweg (nu Kloosterweg – Looierstraat).
  2. Kemkensweg (die voor 1896 rechtdoor liep)
  3. Bautschergats (nu Stationsstraat die voor 1896 verder rechtdoor liep)
  4. Geerstraat (die voor 1896 anders liep)
  5. Eikenderweg (die voor 1896 rechtdoor liep)
  6. Esschenderweg (nu Parallelweg)

Op deze plattegrond is de zessprong van toen op een kaart van nu ingetekend.

Landgoed Terworm

Het landgoed Terworm is ontstaan doordat de familie Van der Heyden genaamd Belderbusch, die vanaf 1738 eigenaar was van kasteel Terworm, nabijgelegen hoeves met de daarbij behorende grond heeft aangekocht.

Van der Heyden-Belderbusch kocht:

  • Den Dries  in 1738
  • Hoeve Gitzbach tussen 1739
  • Geleenhof in 1742
  • Kasteel Eyckholt in 1750
  • Onderste Douvenrade in 1753
  • Middelste Douvenrade in 1756

Landgoed Terworm ging in de 19e eeuw over in handen van de familie von Böselager. Antonia, barones von Böselager trouwde met Baron Otto Napoleon de Loë. 

Baron de Loë kocht:

  • Prickenis rond 1850
  • Overste Douvenrade in 1870 

In de 18e eeuw was het landgoed veel groter en stonden er negen pachthoeves. Voor de inkomsten was men aangewezen op de landbouw. Het tegenwoordige (2025) landgoed is nog “maar” 224 ha.

Van 1917 tot 1986 mag de “Oranje Nassau Mijn” zich eigenaar van het landgoed noemen. En in 1986 kocht Gerrit van der Valk kasteel Terworm en een groot deel van landgoed. Landbouwer Snackers uit Landgraaf kocht het akkerland. Natuurmonumenten heeft door de jaren heen steeds stukken grond aangekocht, voornamelijk van het Van der Valk concern en heeft in 2025 in totaal 90 hectare in bezit.

Van der Valk – Heerlen

In 1979 opende het Van der Valk Motel Heerlen (franchise-onderneming); officieel werd het op 28 maart 1980 geopend  door dhr. en mevr. Van der Valk. Het motel (een budget accommodatie speciaal ontworpen voor automobilisten op doorreis) groeide uit tot een hotel-restaurant met 192 kamers, wellnessfaciliteiten, een natuurspeeltuin en een zwembad.

Het hoofdgebouw is in 2016 na een grote brand vernieuwd en daarmee had Van der Valk weer 68 volwaardige hotels in Nederland plus 13 in Duitsland, 9 in België, 3 in Frankrijk, 1 in Spanje, 1 in Turkije.

Ontstaansgeschiedenis van Van der Valk

Nicolaas van der Valk, die 24 kinderen had, was de grondlegger van het bedrijf. Als aanvulling op zijn inkomen opende hij in de negentiende eeuw naast zijn boerderij een drankgelegenheid voor boeren die hun koeien naar de markt brachten. Dit etablissement staat bekend als De Gouden Leeuw in Voorschoten.

In 1939 maakte zijn zoon Martien er een motel-restaurant van met een kinderspeeltuin. Het was zijn ambitie om elk van zijn elf kinderen een eigen hotel te laten beheren.

Gerrit van der Valk (1928–2009), kreeg de leiding over het zesde hotel.  Vele jaren stond Gerrit (Ome Gerrit) aan het hoofd van de steeds verder uitbreidende horeca-onderneming, samen met zijn jongere broer Arie (1929–2024).

In 1974 was het bedrijf het grootste motelbedrijf van het land. In september 1968 opende de familie zijn eerste eigen ontworpen en gebouwde motel, Motel Nuland.(tussen Oss en Den Bosch)

Van der Valk werd bekend om een aantal karakteristieke gerechten, waarvan de appelmoes met kers langdurig het handelsmerk van de keten was. 

Oranje Nassau Sport – ONS

In 1921 werd de ZON (Zwemvereniging Oranje Nassau) opgericht door personeel van de ONM, zij maakten gebruik van de zwemvijver op het landgoed. Er waren ook nog andere verenigingen actief op landgoed Terworm.  

In 1929 lag er een voetbalveld ten noordwesten van de Geleenhof waar de Heerlense voetbalvereniging VVH`16 speelde. Direct na de oorlog verhuisde men naar een locatie bij het Aambos.

Op 1 februari 1930 werd de TennisVereniging Oranje Nassau (TVON) opgericht

wederom in eerste instantie voor ON medewerkers. 

Een pad aan de Valkenburgerweg, links van de Geleenhof, leidde naar de twee tennisbanen. De vereniging kreeg pas in 1955 een clubhuis met bovengelegen dienstwoning. 

 Tegenwoordig is het een open vereniging met acht banen. Hier zijn door de jaren heen acht internationale A toernooien gespeeld

Plannen uit de jaren dertig 

1932 lagen er plannen voor een crossbaan (sintelbaan voor hardloopwedstrijden), twee voetbalvelden, een wielerbaan, een korfbalveld, een atletiekveld, vier extra tennisbanen, verfraaiing van de zwemvijver, een parkeerplaats en een rijwielstalling.  

Uiteindelijk zijn er tennisbanen bij gekomen en is de zwemvijver een echt zwembad geworden.

Plannen naar aanleiding van de mijnsluiting

De OGON had al in 1973 plannen voor een draf- en renbaan op Terworm laten uitwerken. 

Het plan omvatte een draf-  en renbaan, een tribune gebouw met restaurant en totogebouw, diverse stallen, maneges, trainingsvelden, verblijfsrecreatieterreinen en een aan te leggen sportcomplex.

Hiervoor was zelfs een subsidie van 1 miljoen gulden beschikbaar. Uiteindelijk is de draf- en renbaan in Schaesberg gerealiseerd (1980 – 1991).

in 1977 lagen er plannen voor een Pitch & Putt (een soort golfbaan).

Er waren ook nog plannen voor de aanleg van een vakantiepark met tweehonderd huisjes aan de achterzijde van Van der Valk.

Pretpark

Om werkgelegenheid te creëren is  gouverneur Sjeng Kremers destijds gaan lobbyen op het hoofdkantoor van Disney om Eurodisney naar Heerlen te krijgen; naar Terworm om precies te zijn.  Toen uitlekte dat Kremers bij Disney was geweest, ontstond er weerstand onder de bevolking aangewakkerd door een preek van meneer pastoor. 

Het Amerikaanse bedrijf Six Flags is een wereldwijde keten van attractieparken. Kenmerkend zijn de snelle attracties (Walibi) toonde vervolgens ook interesse. Het belang van OGON bestond in dit geval o.a. uit het inbrengen van 140 ha grond van het landgoed Terworm. 

Het actiecomité “Terworm Pretpark Nooit!” opgericht door een echtpaar, organiseerden op 22 januari 1983 een memorabele protestmars. De organisatie verwachtte honderd à tweehonderd mensen, maar het werd een immense stoet met 7.000 deelnemers, gesteund door maar liefst 45.000 handtekeningen. Dat heeft de overheid doen besluiten van het plan af te zien.

Disneyland Parijs opende de deuren op 12 april 1992.

Wat er wel werd uitgevoerd

Op 27 november 1975 werd sportpark Terworm feestelijk geopend. (voetbalvereniging Weltania).

In 1979 opende motel Van der Valk.

Er kwamen vier scholen: Sintermeertencollege, Open Universiteit, Zuyd Hogeschool en het Vista College.

Business Park Coriopolis waar een stuk of 10 bedrijven gevestigd zijn.

Residentie Terworm en een kleine woonwijk, Gelein genaamd.

De tennisbanen bleven (acht banen in 2026) en het zwembad verdween in 1985.

Oranje Nassau / Terworm

Antonia, Karel, Clara, Sophia en Rosamunde waren de namen van de artesische bronnen die Charles van Böselager tussen 1842 en 1844 heeft laten boren om het landgoed van water te voorzien zoals o.a. de watervoorziening van de Eikendermolen. Deze bronnen lagen tussen Geleenhof en het kasteel. 

Door de komst van de mijnindustrie kwamen deze bronnen nagenoeg droog te staan. Baron  Frans (Levin Eugen Hubert Maria) de Loë liet een gerechtelijke procedure starten waarin  de Oranje Nassau Mijn aansprakelijk werd gesteld. De rechter gaf echter aan dat de schuld van het droogstaan niet direct aan de mijn te wijten was. 

Om nog meer problemen en rechtszaken te voorkomen verkocht de baron het landgoed op 31 mei 1917 aan de Oranje Nassau Mijn. 

In de voorburcht woonden destijds mijnopzichters, kunstenaars en de boswachter/jachtopziener Dhr Aretz. 

Bij de verkoop waren o.a. de volgende pachthoeven betrokken: 

  • Pachthoeve Driesch van Andreas Wintgens, groot 30,6902 ha 
  • Pachthoeve Gitsbach van Pierre Vaessen, groot 46,2743 ha
  • Pachthoeve Geleenhof van A. en G. Rouwette, groot 44,0694 ha
  • Pachthoeve Douvenraad van Gilles Waterval, groot 33,9607 ha
  • Pachthoeve Terworm van Mathieu Rutten, groot 42,4855 ha 
  • Pachthoeve Prikkenis van Aug. Pinckaers, groot 14,6534 ha 
  • Pachthoeve Eykender van Wed. W. Paulussen, groot 4,1907 ha 

De totale oppervlakte kwam uit op 254 hectare. 

Na het sluiten van de mijnen in 1974 was het landgoed voor de Oranje Nassau Mijn niet meer van belang en kon Recreatieschap Oostelijk Zuid Limburg het landgoed in 1984 voor vier miljoen gulden kopen van de Oranje Nassau. Omdat het besluit  te lang op zich liet wachten werd het landgoed in 1986 verkocht aan het Van der Valk Concern en aan landbouwer Snackers uit Landgraaf. 

Sportfonsenbad

De Duikster is een beeld uit 2009 gemaakt door onze stadsgenoot Theo Lenartz. Het staat op de plek waar het Sportfondsenbad heeft gestaan aan de Euterpelaan. 

Het Sportfondsenbad is mede op initiatief van “dokter August Widdershoven”  gebouwd, hij was het die op 27 oktober 1935 bij de opening door burgemeester Van Grunsven, als eerste in het water dook. 

August Widdershoven was, in 1921 ook al medeoprichter van Zwemvereniging Oranje Nassau. Deze vereniging trok haar baantjes in het zwembad van Terworm en vanaf 1935 dus ook, en met name in de winter in het sportfondsenbad.

Bijzonder aan dit gebouw was het schuifdak dat bij goed weer geopend werd. Er was een gazon om te zonnen en een terras waar je een kopje koffie kon drinken.

Het zwembad is bij veel oudere Heerlenaren vooral bekend van het schoolzwemmen. Te voet of met een bus(afhankelijk van de afstand) ging je dan met de hele klas, een keer per week leren zwemmen.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat er ieder jaar 150.000 à 200.000 bezoekers waren.

Op 3 augustus 1953 was er een grote brand in het zwembad en moest er nieuw gebouwd worden. Uiteraard volgens de eisen van die tijd. 

In 1996 werd het zwembad gesloten en het gebouw afgebroken.

Kasteel Eyckholt

Kasteel Eyckholt

Het riddergoed Eykholt was een leengoed van het aartsbisdom Keulen en bestond uit Kasteel Eyckholt, ook wel Eijckholt of Oude Eijkert genoemd, met bijbehorende hoeve en watermolen (Eikendermolen).

Een riddergoed is de bezitting van een ridder, bestaande uit landerijen, een hoeve, en vaak een versterkte woning (zoals een kasteel, burcht, of landhuis) die diende als residentie en centrum van waaruit de ridder zijn land beheerste en verdedigde in de middeleeuwen, en waar hij inkomsten uit haalde.  Prins – Hertog – Markies – Graaf – Burggraaf – Baron – Ridder

In een akte uit 1385 wordt het kasteel voor het eerst vermeld als eigendom van

  • Ridder Gerard van den Eycholtz (familie Van der Lynden)
  • Tot tweede helft van de 15e eeuw – Zoon van ridder Gerard van den Eycholtz met dezelfde naam.
  • Tot 1607 – Vermoedelijk familie van Strijthagen
  • Van 1607 tot 1750 de volgende eigenaren:
    • Maria van Eynatten getrouwt met
    • Hendrik von Beulart zu Beulartstein
    • Maria Magdalena von Beulart getrouwt met
    • Johan Herman baron van Holthausen
    • Familie van Holthausen
  • Van 1750 tot 1760 – Graaf Van der Heyden genaamd Belderbusch (Eigenaar van kasteel Terworm)
  • In 1760 is het kasteel afgebroken.
  • In 1917 wordt landgoed Terworm verkocht aan de Oranje Nassau Mijnen

Hoeve Eyckholt

In 1736 brandde de kasteelhoeve en bijbehorende schuur volledig af. Het kasteel, dat inmiddels onbewoond was, werd na de brand als opslagruimte voor gewassen gebruikt. Er werd een nieuwe kasteelhoeve gebouwd maar het kasteel liet men verder vervallen totdat het in 1760 werd gesloopt. Er is nog slechts een ruïne over. De nieuwe hoeve (nieuw Eyckholt) werd in 1925 afgebroken.

Eikendermolen

De in 1385 voor het eerst vermelde Eikendermolen (Eyckholtermolen of Eyckendermolen) was een watermolen aan de Geleenbeek en lag tussen de Weltermolen en de oliemolen van Weustenrade. Het water van de beek en het water van diverse bronnen werd gebruikt voor het vullen van de stuwvijver en het bevloeien van het land, daarvoor waren er drie sluizen aangelegd.

Omdat de mijnen te veel grondwater uit de bronnen gebruikten, werd de hoeveelheid water in de beek te gering om de stuwvijver gevuld te houden en is de molen na veel geruzie in 1920 stilgelegd en is de molentak van de beek gedempt.

De molenas en-installatie in de kelder werd in goede staat bewaard. Hierdoor was het in 1970/75 mogelijk het hele molen instrumentarium te  hergebruik in de Volmolen van Epen.

p.s. Het huidige gebouw dateert uit de 18e eeuw.

Natuurgebied Terworm

Natuurmonumenten

Op het landgoed wordt 90 hectare natuurgebied (loofbossen, bloemrijke graslanden, een moerasgebied, hooggelegen akkers) beheerd door Natuurmonumenten.

In de tweede helft van de  jaren negentig werd het landgoed heringericht naar een ontwerp van landschapsarchitect Ben Taken, hij maakte een plan waarin oude landschapselementen zoals hoogstamboomgaarden, houtwallen en meidoornhagen terugkwamen. De Geleenbeek mag weer vrij meanderen.

De grote verscheidenheid aan planten trekt veel verschillende vlindersoorten aan en ook zijn er vele vogelsoorten vertegenwoordigd.

Zelfs de bijzondere zeggekorfslak voelt zich hier thuis net als das en ree.

Geleenbeek 

De 37 km lange Geleenbeek, oorspronkelijk Geleen genoemd (afgeleid van de Latijnse naam Glana dat “heldere beek” betekent), ontspringt in de kelders van de Benzenraderhof te Benzenrade (NAP +120 meter) en mondt uit in de Oude Maas bij Stevensweert (NAP + 27 meter)..

De beek is in de jaren 50 van de 20e eeuw helemaal gekanaliseerd. Project Corio Glana geeft, sinds 2014, de beek weer de ruimte om te meanderen. Dat maakt de beek niet alleen aantrekkelijker voor de menselijke bezoekers maar ook het leefgebied van kikkers, salamanders, vogels, insecten en heel veel soorten planten is sterk verbeterd.

Rioolwaterzuiveringsinstallatie

Tegenover de Eyckendermolen is de ingang van de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) die in 1968 in gebruik is genomen en in 2015 buiten bedrijf is gesteld.

In 2017 is dit stukje industrieel erfgoed door de gemeente Heerlen aangekocht. Het plan was om er een duurzame forellenkwekerij in te richten. Elke maand worden jonge vissen aangevoerd en volwassen exemplaren opgehaald. Het project voor de viskwekerij is onderdeel van de Internationale Bau Ausstellung (IBA). 

Het concept IBA (Internationale Bau Ausstellung) is meer dan 100 jaar geleden in Duitsland ontstaan. Wat begon als een tentoonstelling voor de moderne bouw, ontwikkelde zich tot een succesvolle formule die in een regio of stad een krachtige impuls geeft aan economie, ruimte én samenleving.

De kwekerij zal gebruik maken van minimale hoeveelheden water en energie en zal naar verwachting in november 2021 operatief worden. Het oude ketelhuis en de tanks voor het gisten van slib gaan onderdak bieden aan vleermuizen en de rest van het terrein wordt natuur.

Ook komt er een moerasfilter, dat nodig is voor zuivering en hergebruik van restwater. Het pompenhuis blijft zoals het is, alleen de pompen worden vernieuwd. De bomen op het terrein blijven behouden. In eentje komt een kast voor steenuilen. Er komen 35 fruitbomen bij als voedselvoorziening voor dassen en verder worden struiken en bosplantsoen ingezaaid.

Kasteeltuin Terworm

Eind 18e eeuw (1767) liet graaf Maximiliaan Van der Heyden genaamd Belderbusch (zoon van graaf Vincent Van der Heyden genaamd Belderbusch (1690-1771)) door L. Fuchs uit Brussel een tuin aanleggen in Franse rococo stijl. Aan de oostzijde van het kasteel werd een brug gemaakt om de tuin gemakkelijk bereikbaar te maken voor de kasteelbewoners. Deze brug is in 1843 geheel vernieuwd.

Rond 1825 werd er bij de tuin een Oranjerie gebouwd waarin niet winterharde planten konden overwinteren, denk aan citrusbomen (in kuip) 

De fontein in het midden van de tuin werd destijds gevoed met water uit een bron. Deze bron was hoger gelegen zodat het water onder druk uit de fontein spoot. De waterleiding van de bron naar de fontein was van eikenhout gemaakt.

De tuin van weleer was door de eeuwen heen veranderd in een weiland. Restanten van de twee toegangszuilen waren de enige zichtbare sporen uit een roemrucht verleden. 

Aan de hand van opgravingen en een archeologisch onderzoek vond er van 2001 tot 2003 een, op de centimeter nauwkeurige reconstructie van de tuin plaats *. Dat hiervoor zelfs de Geleenbeek weer terug naar haar oorspronkelijke stroomgebied werd verlegd is slechts een detail, maar geeft wel aan hoe groot deze klus is geweest.

Men ontdekte resten van (oude rassen) leifruitbomen, rozen, lavendel en buxus. De geleide fruitbomen stonden op het zuiden gericht tegen een bakstenen muur. De tuin werd en wordt begrensd door hagen van Gele kornoelje (Cornus mas).

De gereconstrueerde kasteeltuin is op 15 juni 2003 officieel geopend door Drs. A.B. Sakkers, burgemeester van Heerlen.

  • Afmetingen: tuin 94 bij 74 meter omgeven door een sloot van 4,5 meter breed en 1,60 meter diep. Oranjerie: 15,5 x 5,3 meter. Fontein met een diameter van 4,5 meter en 7,5 meter.